Bonen en Erwten van de Huishoudschool


Eén van mijn nieuwe schatten is het Nieuwe Kookboek, in de jaren dertig van de vorige eeuw geschreven door twee docenten aan de Groningse huishoudschool. Ik kan echt iedereen aanraden om op rommelmarkten of bij de boekenantiquair een of ander oud huishoudschoolkookboek te kopen. Voor de basistechnieken en recepten zijn ze onmisbaar. Jullie begrijpen, ik blader meteen naar de pagina met peulvruchtenrecepten. In Groningen zijn ze minstens zo methodisch als Marie Delcourt, en daarnaast ook nog eens een stuk praktischer als het om harde informatie gaat. Voor vier personen dien je 500 gram bonen of erwten in de week te zetten en te koken. Of het nou om bonen, erwten of kapucijners gaat: een uur tot anderhalf uur is voldoende om ze te garen. Wel wat zout erbij. En als ze niet gaar willen worden wegens hoge ouderdom of andere kwalen, dan doe je er een half theelepeltje dubbelkoolzure soda bij, dan worden de schilletjes zachter. In het noorden van ons land geen fratsen met knoflook en ui in het kookvocht. Maar wel goede suggesties voor het opdienen.

Bruine bonen en grauwe erwten serveer je met gebakken uien en uitgebakken rookspek, en dan is 150 tot 200 gram genoeg voor vier personen. Speksaus of jus erbij.

Witte bonen gaan vergezeld van een zure saus, tomatensaus of uiensaus.

Groene erwten zet je op tafel met een peterseliesausje.

En bij citroenbonen geef je een zure saus of een tomatensaus.

Houd je bonen over na de maaltijd, dan maak je daar puree van met wat bonennat of jus en boter.

Zuinig, dat waren we in die crisistijd natuurlijk wel. Kookvocht van groente en peulvruchten, restjes jus en vlees, je maakte er een soepje van. Met de overgebleven groente en aardappelen, en met croutons van oud brood.

Lizet Kruyff



Reply