Bonensprookjes 2


Drie blogs krijgt u, lieve lezer, de komende tijd van mij over peulvruchten in sprookjes. Mooie verhalen zijn het, ook al speelt de peulvrucht soms maar een betrekkelijke bijrol.

Assepoester
Het oudste sprookje waar peulvruchten in voorkomen is misschien wel Assepoes. Het arme schaap wordt geteisterd door een boze stiefmoeder en twee even akelige stiefzussen. Ze slijt haar dagen in de keuken met het doen van de huishoudelijke karweitjes. Af en toe rust ze uit op het graf van haar moeder. En of dat allemaal nog niet zwaar genoeg is, pest de stieffamilie haar door schotels met gesorteerde linzen en erwten door elkaar op de grond te gooien. Al haar werk voor niets. Bonen werden vroeger handmatig gesorteerd, er kon allerlei verontreiniging in zitten: kleine steentjes, klontjes aarde, graankorrels of andere zaadjes. Het was een secuur werkje. Grauwe erwten, maar ook gele en groene, vormden vroeger een belangrijk deel van onze dagelijkse kost. Zeker in een tijd dat we ook nog heel veel Vastendagen kenden in het jaar. Dan was de peulvrucht een betaalbare en smakelijke vleesvervanger. Het voordeel van droogbonen is, dat je er de hele winter van kunt eten. Het is een prachtige vorm van conserveren van duurzaam voedsel en dat hadden ze toen al goed in de gaten. Erwten en linzen eten we in Europa al sinds de prehistorie. De oudste versie van het sprookje is een Griekse versie met Egyptische roots. In eerste eeuw van onze jaartelling wordt het al gepubliceerd door de Griekse geschiedschrijver Strabo. Dan weten we een tijd niets van het sprookje, tot kerkhervormer Luther in één van zijn preken in het jaar 1544 Maria vergelijkt met Assepoes. In Italië verschijnt een geschreven versie in de eerste helft van de 17e eeuw. Vervolgens neemt de Franse schrijver Charles Perrault zijn versie van het verhaal op in de Sprookjes van Moeder de Gans uit 1697. Waarna de gebroeders Grimm er hun Asschenputtel naast zetten in de 19e eeuw.
De Moraal van het verhaal is dat het goed het kwaad overwint, het eenvoudige, lijdzame meisje doet braaf wat haar wordt opgedragen en trouwt met de prins.

Maar eerst moet Assepoes vele karweitjes opknappen. Waarbij ze in het geval van de linzen en erwten geholpen wordt door haar vogelvriendjes. Binnen korte tijd is de klus geklaard, zodat Assepoes ook tijd zou krijgen om zich te verkleden voor het bal van de prins. Stiefmama is niet voor één gat te vangen en gooit twee keer zo veel peulvruchten in de as. Nu doen de vogeltjes het nog sneller en in een half uur zijn de linzen opgevist. Het mag allemaal niet baten, Assepoes mag niet naar het bal. Gelukkig is daar een toverfee of petemoei, die ervoor zorgt dat het meisje in een prachtige jurk avond na avond met haar prins kan dansen. Hoe het afloopt weet u, er kwam ook nog een glazen muiltje aan te pas. Of Assepoes in het koninklijk paleis ooit nog een peulvrucht heeft willen eten, is helaas niet bekend.

Lizet



Reply