Je natje en je droogje


‘Je natje en je droogje’, het is een mooie uitdrukking. Ik moest eraan denken toen ik vorige week bij restaurant De Wilde Zwijnen in Amsterdam een voorgerecht kreeg, een braadworstje met linzen en nog zo wat. Zoals vaak was ik de omschrijving alweer vergeten tegen de tijd dat het voor me neus stond, dus ik zag linzen, bleekselderij en flintertjes groene kool, en zoveel vocht dat ik de lepel vroeg die er niet bij was gegeven. Smakelijk allemaal, alleen een beetje liefdeloos op het bord gemikt of te stevig neergezet, want alle garnituur was naar één kant van het bord gehotst. Je kent dat: ‘Hier man. Eten.’

Eenmaal thuis las ik op de website dat hier appeljus was geserveerd. Met dragon. Kijk, dat had ik niet geproefd. En toch was het dat gerecht, nat en droog, dat me inspiratie gaf voor een eigen linzengerechtje, toen ik bloedworst bakte, gisteren. Die bleekselderij en linzen, dat werkt altijd. Maar als ik er nou eens een brunoise (piepkleine blokjes) appel aan toe zou voegen? Op het allerlaatst?
Kortom, dat deed ik. En het werkt! En er is weer niks aan, natuurlijk, hoogstens wat pielen om van een appel kleine, nette blokjes te maken. Zo’n ding is immers rond. Dom gaan hakken met een mes levert prut op, dus dat moet niet. Nou ja, kijk maar.
Fruit de bleekselder met de ui een minuut of 5 zachtjes aan in de olie. Voeg de linzen toe en warm goed door. Breng op smaak met zout en peper (ik nam een stukje van een paddestoelbouillonblokje). Een kruidje heeft geurigheid, en je kiest zelf om dat tijm of rozemarijn of wat anders wordt. Houd het lekker nat, dat eet prettiger. Men er vlak voor het serveren de appel door. En bak er bloedworst bij, als je dat wilt. Je natje en je droogje.

Linzen met appel
Bijgerecht voor 4

2 stengels bleekselderij, fijngesneden
1 rode ui (ach, geel is ook goed), fijngesnipperd
2 blikken à 400 ml linzen
iets kruiderigs, takje tijm, rozemarijn
1 friszure appel, in piepkleine blokjes

Onno Kleyn



Reply