Variatie in peulvruchten


Erwten. Groene en gele spliterwten horen erbij, net als kapucijners en grauwe erwten, en natuurlijk ook de doperwten. Peultjes en sugarsnaps zijn de onrijpe peulen van de doperwt.

kikkererwtenKikker- of kekererwten.
Geen gewone erwten dus, maar een aparte soort. Wereldberoemd in mediterrane streken, maar lang onbekend bij ons. Inmiddels populair in gerechten als humus en bij couscous.

Tuinbonen. Wij kennen ze alleen vers, maar gedroogde tuinbonen zijn zeer belangrijk rond de Middellandse Zee. Het Egyptische basisgerecht ful medames is er bijvoorbeeld van gemaakt. De verwante paardebonen en Groningse mollebonen werden vaak als veevoer beschouwd. Bij mensen met een bepaalde genetische aanleg kunnen tuinbonen een ziekte veroorzaken, favisme.

linzenLinzen. Groene, bruine, oranje (‘rode’) en gele linzen, sommige snel uit elkaar vallend en vooral geschikt voor soep, andere vastkokend. Beroemde zeer vastkokende linzen zijn de groene uit Le Puy en de bonte uit Castelluccio.

Oogboontjes. Witte boontjes met een zwart vlekje. Komen oorspronkelijk uit Afrika.

Sojabonen. Dé boon van Oost-Azië. Wordt ook wel vers gegeten, maar is vooral belangrijk als basis voor een indrukwekkend scala aan producten: sojaolie (de meest gebruikte spijsolie ter wereld!), sojasaus, tofoe, tempeh, sojamelk, gefermenteerde zwarte boontjes, gefermenteerde bonenpasta, plus nog zo wat. Daarbij is de sojaboon wereldwijd op grote schaal in gebruik als veevoer. Waar de teelt van peulvruchten veelal duurzaam is, is de grootschalige teelt van soja voor veevoer dat niet atijd. In Zuid-Amerika brengt hij ernstige problemen met zich mee, door ontbossing, erosie, watervervuiling en sociale ontwrichting. En dan hebben we genetische modificatie nog niet genoemd, een onderwerp waar de meningen ernstig over verdeeld zijn.

Lupinebonen. Rukken op, maar vooral achter de schermen: het meel wordt verwerkt in allerlei voedingswaren, vleesvervangers incluis.
De rest: en dan zijn er nog azuki- en mungboontjes (Azië), urad dal (India), duivenbonen (Afrika), vleugelbonen, en meer, die je misschien in natuurvoedingswinkels, toko’s en etnische winkels kunt vinden. Petéhbonen worden gebruikt als smaakgever, niet als basisvoedsel.

Uit Amerika
Nierbonen. Onze bekendste bonen, de bruine en de witte, zijn samen met kievitsbonen (borlotti), rode en zwarte bonen oorspronkelijk afkomstig uit de Nieuwe Wereld. We noemen ze bij elkaar ‘nierbonen’ vanwege hun vorm. Sperziebonen en snijbonen horen er ook bij: dat zijn de onrijpe peulen van de nierboon.

Pinda’s. Geen noten, maar peulvruchten. Maar door hun compleet andere samenstelling, eerder vet dan zetmeelrijk, worden ze in de keuken als noten gebruikt.

En de rest: tonkabonen zijn een smaakgever, geen basisvoedsel, aangezien ze in flinke hoeveelheden leverproblemen geven en mogelijk kankerverwekkend zijn.